Zo’n €300 miljard aan woningvermogen gaat tussen 2024 en 2033 via erfenissen en schenkingen over naar volgende generaties. Dat heeft grote gevolgen voor de woningmarkt. De vermogensoverdracht kan de doorstroming aanjagen, maar vergroot ook ongelijkheid tussen huishoudens.
Voorheen waren vooral inkomen en leencapaciteit van invloed op de mogelijkheden die een koper had. Tegenwoordig speelt het familievermogen een grotere rol. Starters krijgen steun van hun ouders, terwijl doorstromers door overwaarde op hun bestaande woning meer kunnen bieden op een volgend huis.
Totale overwaarde: €1.373 miljard
De totale overwaarde op woningen bedraagt inmiddels €1.373 miljard, zo berekende Van Bruggen. Hierdoor zal alleen al de bestaande overwaarde in de periode 2024-2033 leiden tot een vermogensoverdracht van €300 miljard via schenkingen en erfenissen.
Miljoen Nederlanders ontvangt fors bedrag
Van Bruggen aschat dat de komende tien jaar ongeveer een miljoen Nederlanders een substantiële schenking of erfenis ontvangt. Het gaat daarbij vooral om mensen tussen de 45 en 65 jaar, van wie de ouders een koopwoning bezitten.
Deze groep krijgt meer mogelijkheden om een levensloopbestendige of seniorenwoning te kopen. Vaak kunnen ze de schenking of erfenis combineren met overwaarde op de bestaande woning. Gezamenlijk hebben huishoudens met een hoofdkostwinner van 55 jaar of ouder al een woningoverwaarde van €900 miljard.
Meer doorstroming op de woningmarkt
De golf aan schenkingen en erfenissen heeft twee gevolgen, schetst het adviesbureau. Als oudere kopers meer financiële ruimte hebben om een passende woning voor de toekomst te kopen, is dat goed voor de doorstroming op de woningmarkt.
“Het brengt verhuisbewegingen op gang, waar de hele woningmarkt van profiteert”, aldus Van Bruggen. Kanttekening: die seniorenwoningen moeten dan wel beschikbaar zijn.
Tweedeling rijke en armere huishoudens
Een andere ontwikkeling is juist een grotere ongelijkheid op de woningmarkt. De gevolgen van de vermogensoverdracht zijn namelijk niet voor alle huishoudens hetzelfde. Slechts een kleine groep van 10% huishoudens bezit ruim 56% van het totale vermogen.
Een andere belangrijke tweedeling is er tussen huishoudens met een koopwoning en huishoudens met een huurwoning. Van Bruggen geeft een rekenvoorbeeld: het gemiddelde vermogen van een huurder bedroeg in 2024 € 40.400 en dat van woningbezitters € 563.800. De afgelopen jaren had dit al een grote invloed op de woningmarkt. Door de tsunami aan vermogensoverdrachten dreigt de tweedeling op de woningmarkt nog verder toe te nemen, aldus Van Bruggen.
Bron: Komende golf erfenissen biedt kansen voor woningmarkt, maar vergroot ook ongelijkheid | Vastgoedactueel
Bekijk het gehele artikel
